Steun ons en help Nederland vooruit

dinsdag 19 mei 2015

Route66 helpt LibDem met campagne voeren

‘Fired up? Ready to go!’ Deze spontane campagne slogan van Barack Obama hoort thuis in de VS, maar bleek meer dan van toepassing op het bezoek van Route66 bij liberale zusterpartij Liberal Democrats (LibDem) in London. Zeker na enkele presentaties door o.a. de Amerikaanse campagneleider van MP Simon Hughes, werd ons snel duidelijk dat we in het hart van een zeer geavanceerde –haast militaire- operatie beland waren. Alle hens aan dek!

Op vrijdagochtend 24 april startte de buitenlandreis 2015 bij het inspirerende Somerset House aan de Thames. Met een bak koffie in de hand, want menig Router was op donderdagavond al gearriveerd in London en had zich de Ale’s goed laten smaken, ontvingen we twee presentaties in dit creatieve broeinest. De Nederlandse start-up Wevolver, dat een succesvol platform biedt waarop engineers makers voor hun ideeën kunnen treffen, deed de kick-off. Hoewel het een niet te stoppen opmars lijkt, blijkt open-source vooral op het juridische en politieke vlak niet alle mogelijke steun te ontvangen. Voormalig LibDem politica Laura Willoughby vertelde vervolgens geanimeerd over haar overstap van politiek naar de start-up wereld: “Het is essentieel om als politica met beide benen in de maatschappij te blijven staan.” Als co-founder van start-up JoinClubSoda, welke mensen op niet-veroordelende wijze helpt met minder drinken, maakt ze nu ook een sociaalliberaal verschil. “Hoe kan ik voor de legalisatie van drugs zijn en dan drank als de duivel beschouwen?”

Na deze zachte landing in London begon het hardcore campaignen waar we voor gekomen waren: MP’s Lynne Featherstone en Simon Hughes steunen. In een typisch Engels buurthuis kregen we presentaties over het politieke landschap, het zware weer waarin de LibDems verkeren, en de enorme strijd voor de spaarzame LibDem districten in London: “Als we klachten krijgen over de hoeveelheid foldertjes, is dat een teken dat we op de goede weg zitten.” Iedere Router was bijzonder onder de indruk van de complexiteit van de hele operatie en de hoeveelheid (buitenlandse) vrijwilligers. Labour zet alles op alles om deze districten (soms na meer dan 30 jaar LibDem te zijn geweest!) te veroveren en iedereen was dus erg gemotiveerd om dat te voorkomen.

Canvassing of het zogenaamde doorknocking, gewapend met een lijst waarop vermeld wat staat wat degene achter de deur waarschijnlijk stemt, is waar we opgesplitst in kleine groepen de rest van de dag mee aan de slag gingen. Er was ons verteld hoe om te gang met kritiek op het huidige LibDem-Tories beleid, want deze bleek breed gedragen; van de vermalende bedroom tax tot de verhoging van de tuition fees. We spraken geharde supporters, gedesillusioneerde twijfelaars, en ronduit boze UKIP’ers. Een paar mijl verder naar het noorden, in het district van Lynne Featherstone, werden we ingewijd in het negative campaigning: een hele wijk voorzien van een folder waarop niets anders stond dan redenen waarom er vooral niet op Labour gestemd moest worden. Vele uren en mijlen verder beklonken we de dag met MP Simon Hughes in een lokaal restaurant, alwaar wij begrepen waarom hij een man van het volk genoemd werd. Middels een vurige speech bedankte hij ons uitvoerig, en bood aan om een contingent LibDem’ers af te vaardigen mocht D66 die steun ooit nodig hebben. Namens Route66 aanvaarde Nick Mastenbroek deze handreiking gretig, en gaf met een kwinkslag aan dat we ook advies over coalitievorming te bieden hebben.

Zaterdag. D-Day. Zes uur de straat op. Iedereen was stukken gekwalificeerder, snelle leerlingen als we zijn, en zieltjes werden gewonnen bij de vleet: “I believe in Simon so much, that I came all the way from the Netherlands to support him!” Kiezers waren enthousiast, of vooral pragmatisch: “I’m a conservative, but I hate Labour even more than I hate you lot, so I’ll vote for Lynn. Now sod off.” Na deze marathonsessie campaigning vloeide het welverdiende gerstenat rijkelijk en voor men het in de gaten had genoot men in een prachtig restaurant van elkaars verhalen. Henk van Klaveren, bezig met de zogenaamde airwar, legde ons uit hoe beïnvloeding van de media minstens zo belangrijk is als de door ons zelf gevoerde groundwar. Ook Jori Keijsper van de Nederlandse ambassade in London stak een verhelderend verhaal af, o.a. over het verschil tussen het Britse en Nederlandse democratisch bestel. De nacht denderde vervolgens voort tot in de kleine uurtjes via een legendarische dragqueenbar, alwaar de dansvloer snel werd overgenomen door Routers die los gingen op klassiekers uit de nineties, en eindige in een bijzonder ‘vuige’ club.

Na een weldadig ontbijt op Spitalfields Market betraden we met kleine oogjes, en genoeg redenen om te biechten, de Dutch Church te London. Deze is centraal gelegen, boven het culturele Dutch Centre, en geliefd bij het koninklijk huis. “Prinses Irene heeft hier met haar eerste boom gesproken, maar er heeft hier nooit een boom gestaan!” Dominee Joost Röselaers leidde ons samen met een bijzonder bevlogen orgelspeler al snel in bekoring, en voor men het wist stond men het Lichaam van Christus, alsmede het Bloed van het Koninkrijk, te delen in een kring rond het altaar. Na de dienst vertelde Dominee Röselaers ons over hoe hij zijn D66 lidmaatschap rijmt met zijn kerkelijke beleving. Een gesprek over morele ontworteling volgde, en de Routers namen mee dat wij als sociaalliberalen wellicht best eens wat minder hard mogen oordelen voor religies – die namelijk ook veel goede dingen voor de samenleving doen. Met deze wijsheid op het hart gedrukt vertrok de groep, moe maar voldaan, in de loop van de dag op eigen gelegenheid weer naar hun geliefde kikkerland. Een reis vol hard werk en verwondering, discussies en drankgelag, was tot een zalig eind gekomen.